Orkestlaan 148, 8265 RC KampenPersoonlijke verloskundige zorg in Kampen en omgeving
Verloskundigen PuurbeginAanmeldenBlog
11 september 2026Verloskundigen PuurBegin

Paracetamol in de zwangerschap: wat nieuw onderzoek over de eierstokken laat zien

Paracetamol in de zwangerschap: wat nieuw onderzoek over de eierstokken laat zien

Paracetamol wordt in de zwangerschap veel gebruikt tegen pijn en koorts. Het is tegelijk het medicijn waar het laatste jaar veel over te doen is. In september 2026 verscheen een Deens onderzoek, het COPANA-onderzoek, dat keek naar de eierstokken van meisjes die voor hun geboorte met paracetamol in aanraking kwamen. Sommige nieuwsberichten maakten daar stevige koppen van. In deze blog lees je wat de onderzoekers precies vonden, welke cijfers erbij horen en vooral wat die cijfers nog niet zeggen.

Wat onderzocht het COPANA-onderzoek uit 2026 precies?

Het COPANA-onderzoek is een prospectieve observationele cohortstudie. Dat betekent dat de onderzoekers vrouwen volgden zonder iets aan hun behandeling te veranderen. Niemand werd ingedeeld in een groep die wel of geen paracetamol kreeg. De studie liep in één Deens ziekenhuis, Rigshospitalet in Kopenhagen, tussen maart 2020 en november 2022.

Van de 3425 uitgenodigde zwangere vrouwen deden er 685 mee. De analyses in deze publicatie gaan over 302 gezonde meisjes uit een eenlingzwangerschap. Zij werden gemiddeld 106 dagen na de geboorte onderzocht, met een spreiding van ongeveer 13 dagen rond dat gemiddelde. De moeders vulden vanaf ongeveer week 14 van de zwangerschap elke twee weken een vragenlijst in over medicijngebruik. De eerste, uitgebreidere vragenlijst ging terug tot ongeveer week 10.

Op basis daarvan ontstonden drie groepen: 143 vrouwen die naar eigen zeggen geen paracetamol gebruikten, 92 vrouwen die er vóór week 17 van de zwangerschap voor het eerst mee begonnen en 67 vrouwen die daarmee op of na week 17 startten. Van die 92 vrouwen gebruikten er maar 22 het middel uitsluitend vroeg in de zwangerschap. Dat onderscheid is belangrijk, want vroeg beginnen is iets anders dan alleen vroeg gebruiken.

Waarom de Deense groep niet zomaar onze situatie is

De onderzoeksgroep is vrij specifiek samengesteld. De deelneemsters waren vrouwen van Kaukasische afkomst met een BMI tussen 18 en 35. Vrouwen met diabetes of een schildklieraandoening deden niet mee, net zomin als zwangerschappen die te vroeg of te laat eindigden en baby's met een ernstige ziekte. Daardoor is de groep gezonder en homogener dan de hele groep zwangeren die wij in Nederland zien.

Dat maakt het onderzoek niet minder interessant, maar het beperkt wel hoe breed je de uitkomsten mag trekken. Een verschil dat in een zorgvuldig gekozen groep te zien is, hoeft in een andere groep niet precies hetzelfde te zijn. Ook de zorgcontext is Deens.

Omdat het om een Deens onderzoek gaat, is het goed om te benoemen wat wij ervan kunnen leren. De onderliggende vraag, namelijk of paracetamol in de zwangerschap invloed heeft op de ontwikkeling van de eierstokken van een dochter, is universeel. De uitkomst vraagt om vervolgonderzoek en niet om een nieuw landelijk advies op basis van één cohort.

Wat maten de onderzoekers bij de meisjes?

Bij de meisjes werd via echografie naar de eierstokken gekeken. Dat lukte bij 203 van de 302 meisjes: bij 136 waren beide eierstokken zichtbaar en bij 67 maar één. Als beide eierstokken in beeld waren, namen de onderzoekers het gemiddelde volume per eierstok. Als er maar één eierstok zichtbaar was, gebruikten ze het volume daarvan.

Ook telden ze de zogenoemde antrale follikels: kleine blaasjes in de eierstok die groter waren dan 2 millimeter. Ze telden die in beide eierstokken bij elkaar op. Was er maar één eierstok zichtbaar, dan verdubbelden ze dat aantal. Dat is belangrijk om te weten: dit is geen directe meting van de totale eicelvoorraad. Het is een momentopname van wat op dat moment zichtbaar was.

Verder maten de onderzoekers het baarmoedervolume, bij 230 meisjes. Bij 269 meisjes werd bloed afgenomen om onder andere het hormoon AMH te bepalen. AMH is een hormoon dat iets zegt over de rijping van follikels in de eierstok en dat in de vruchtbaarheidszorg vaker als indicator wordt gebruikt.

Welke uitkomsten vond het onderzoek?

De onderzoekers vergeleken de groepen met de vrouwen die naar eigen zeggen geen paracetamol gebruikten. Ze hielden daarbij rekening met factoren zoals het gewicht van de moeder, roken en alcohol in het eerste trimester, zwangerschap via ivf en het gebruik van andere pijnstillers. De belangrijkste aangepaste verschillen staan hieronder.

Blootstelling en uitkomstVerschil95%-interval
Eerste gebruik vóór week 17: gemiddeld eierstokvolume−0,11 cm³−0,19 tot −0,03
Eerste gebruik vóór week 17: baarmoedervolume−0,18 cm³−0,35 tot −0,01
Eerste gebruik vanaf week 17: zichtbare follikels samen−1,05−1,71 tot −0,39
Alleen vroege groep (22 meisjes): AMH−0,45 SDS−0,87 tot −0,03
Alleen vroege groep: eierstokvolume−0,10 cm³−0,19 tot −0,01

Een minteken betekent dat de blootgestelde groep gemiddeld lager uitkwam dan de groep zonder gerapporteerd gebruik. Bij één uitkomst staat ook een SDS. Dat is een standaarddeviatiescore: daarmee wordt een waarde vergeleken met wat gebruikelijk is in een vergelijkbare groep. Belangrijk om te weten: in de volledige vroege en late hoofdgroepen was er geen statistisch duidelijk verschil in AMH (+0,07 SDS en −0,12 SDS). Ook een losse meting van het hormoon estradiol liet geen verband zien. Minder zichtbare follikels kwamen vooral voor in de groep die later begon en niet in elke blootgestelde groep even sterk.

Wat betekenen die cijfers in het dagelijks leven?

Het verschil van 0,11 cm³ in eierstokvolume is een gemiddelde over een groep. Om dat in perspectief te plaatsen is het nuttig om te weten hoe de ruwe cijfers eruitzagen. De mediane eierstokvolumes lagen dicht bij elkaar: 0,27 cm³ bij de meisjes zonder gerapporteerd gebruik, 0,26 cm³ bij de vroege groep en 0,28 cm³ bij de late groep. De mediaan is de middelste waarde wanneer je alle metingen op volgorde zet. Het aangepaste verschil van 0,11 cm³ gaat dus over groepsgemiddelden en niet over ieder individueel meisje.

Ook het aantal zichtbare follikels is een gemiddelde per groep. Een verschil van ongeveer één follikel tussen groepen wil niet zeggen dat één meisje een eicel kwijt is. De betrouwbaarheidsintervallen in de tabel geven aan hoeveel onzekerheid er onder de aannames van het model rond zo'n schatting zit. Ze sluiten vertekening of gevoeligheid voor andere modelkeuzes niet uit.

De onderzoekers noemen zelf een verschil van ongeveer 40 procent in het ene model en 23 procent bij de follikels. Zulke percentages klinken heftig, maar het zijn relatieve verschillen op een lage uitgangswaarde. Je kunt er geen percentage verloren eicellen of een risico op onvruchtbaarheid van maken. Wat de gemeten verschillen op lange termijn klinisch betekenen, is nog onbekend.

Waarom dit geen bewijs is dat paracetamol onvruchtbaar maakt

Het onderzoek keek naar vroege kenmerken bij baby's van ongeveer drie maanden oud. Er zijn geen gegevens over hoe deze meisjes opgroeien, hoe hun puberteit verloopt, hoe makkelijk ze later zwanger worden of hoe hun vruchtbaarheid op lange termijn is. De totale eicelvoorraad is nooit rechtstreeks gemeten. Er zijn dus geen cijfers over zwangerschapskansen, tijd tot zwangerschap, vruchtbaarheidsdiagnoses, levend geboren kinderen, overgangsleeftijd of vruchtbare levensduur.

Verder is dit een observationeel onderzoek. Vrouwen die paracetamol gebruiken, doen dat meestal omdat ze pijn of koorts hebben. Het is goed mogelijk dat juist die klachten en niet het medicijn samenhangen met de gevonden verschillen. Dat heet confounding door indicatie. De onderzoekers probeerden hiervoor te corrigeren, maar de ernst en de duur van de klachten waren niet beschikbaar. Ook zijn veel analyses gedaan zonder correctie voor het aantal tests, waardoor toeval een rol kan spelen.

In een aanvullende analyse, waarin beide blootstellingsperiodes tegelijk werden meegenomen, bleef het verband met baarmoedervolume vooral bij vroege blootstelling en dat met follikels vooral bij late blootstelling. Voor eierstokvolume en hormonen bleef in die analyse geen duidelijk verband over. Dat nuanceert de uitkomsten verder. Ook kon een eenmalig urinemonster niet onderscheiden of paracetamol uit medicijnen of uit de omgeving kwam en vrouwen die aangaven niets te gebruiken hadden niet automatisch een gemeten waarde van nul.

Wat vond het tweede Deense cohort?

In dezelfde publicatie bespreken de onderzoekers een ouder Deens cohort, de Copenhagen Mother-Child Cohort. Dat gaat om 1210 meisjes die tussen 1997 en 2002 geboren werden. Er werden onderzoeken gedaan bij 1083 meisjes als baby, bij 563 in de puberteit (gemiddeld 10,7 jaar), bij 317 in de adolescentie (gemiddeld 16,05 jaar) en bij 121 meisjes met een MRI in de puberteit.

Hier was het lastiger om het gebruik precies te meten. Er was maar één vragenlijst, aan het begin van het derde trimester. Daarin werd het gebruik van paracetamol en/of NSAID's (ontstekingsremmende pijnstillers) samen gemeten. Vrouwen die onbekend invulden, werden bij de controlegroep gerekend. Meisjes die in de adolescentie hormonale anticonceptie gebruikten, werden buiten de analyses gehouden.

De gevonden verbanden waren een kleiner baarmoedervolume in de puberteit (−4,11 cm³, met een interval van −7,29 tot −0,92) en een kleiner eierstokvolume in de adolescentie (−2,76 cm³, met een interval van −4,82 tot −0,70). Dit is geen vervolgonderzoek op dezelfde 302 baby's en dus geen bewijs dat gevonden verschillen bij hen zouden blijven bestaan. Het is een aparte groep die een vergelijkbaar patroon laat zien.

Wat betekent dit voor medicijngebruik?

Paracetamol blijft in de Nederlandse informatie de eerste keuze voor pijn en koorts in de zwangerschap, wanneer behandeling echt nodig is. Het bijwerkingencentrum Lareb noemt daarbij de laagst werkzame dosis en benadrukt dat andere pijnstillers niet automatisch veiliger zijn. Dat is dus geen vrijbrief om zomaar te wisselen naar een ander middel.

Bestaande medische adviezen volgen dezelfde voorzichtige lijn: de laagst werkzame dosis, zo kort als nodig en in overleg met je eigen behandelaar. Belangrijk om te weten is dat deze adviezen eerder zijn opgesteld en niet specifiek gaan over de eierstokken uit het COPANA-onderzoek.

Het nieuwe onderzoek geeft extra informatie. Er is een signaal bijgekomen dat vervolgonderzoek verdient. Laat een nieuwsbericht niet op zichzelf bepalen of je benodigde behandeling stopt of door een andere pijnstiller vervangt. Bespreek vragen over de afweging met je verloskundige, huisarts of apotheker.

Wanneer bel je je verloskundige of huisarts?

Sommige klachten tijdens de zwangerschap zijn een reden om contact op te nemen. Hieronder staat per situatie wat je het beste kunt doen.

SituatieWat je kunt doen
Na 20 weken zwangerschap: hoofdpijn die erger wordt, problemen met zien of pijn boven in je buikBel je eigen verloskundige of gynaecoloog direct en wacht niet op je volgende afspraak
KoortsNeem contact op met je verloskundige of huisarts
Koorts samen met benauwdheidBel direct de huisarts of de huisartsenpost
Vragen over pijnstillers of het herhaald nodig hebben van pijnstillingOverleg met je huisarts, apotheker of verloskundige en stap niet zelf over op een andere pijnstiller vanwege nieuwsberichten

Twijfel je of je klachten reden zijn om te bellen? Dan is die twijfel zelf al genoeg reden om contact op te nemen met je eigen verloskundige of huisarts. Bij Verloskundigen PuurBegin in Kampen kun je je vragen altijd stellen tijdens het spreekuur of telefonisch. Je hoeft niet tot een geplande controle te wachten om je verloskundige in Kampen een vraag te stellen.

Conclusie: hoe we dit nieuwe onderzoek wegen

Het COPANA-onderzoek voegt iets toe aan wat we weten, maar het is geen bewijs dat paracetamol in de zwangerschap onvruchtbaarheid veroorzaakt bij dochters. De gevonden verschillen zijn gemiddelden in een specifieke groep, zonder gegevens over latere vruchtbaarheid of een directe meting van de totale eicelvoorraad. Wat de verschillen klinisch betekenen, is nog onbekend. De onderzoekers zelf vragen om heroverweging van adviezen, maar dat is een interpretatie en geen bewijs dat richtlijnen al zijn veranderd.

Praktisch gezien blijft het uitgangspunt hetzelfde: gebruik paracetamol wanneer dat nodig is, zo beperkt als redelijk is en stem af met je eigen verloskundige, huisarts of apotheker. Bij Verloskundigen PuurBegin blijven we deze ontwikkelingen volgen. Heb je vragen over pijn, koorts of medicijngebruik in jouw zwangerschap, dan denken we graag met je mee.

Deze blog is informatief en geen persoonlijk medisch advies. Voor vragen over je eigen situatie kun je terecht bij je eigen verloskundige of huisarts.

Blijf op de hoogte!

Volg ons op social media voor het laatste nieuws en een kijkje achter de schermen bij onze praktijk in Kampen. Ontdek de dagelijkse avonturen van onze verloskundigen, waardevolle tips voor aanstaande ouders en inspirerende verhalen uit de praktijk. Blijf verbonden met ons team via Instagram en Facebook.

Neem zorg voor jezelf en je kleintje!

Met lieve groeten,

Verloskundigen PuurBegin
Orkestlaan 148, 8265 RC Kampen
Algemeen: 085 40 19 095
Spoed: 06 53659191
info@verloskundigenpuurbegin.nl

Bel ons